Ruim een eeuw openbare Sint-Nicolaasviering in Tilburg

Goedheiligman; Sint; Sinterklaas; Sint-Nicolaas.
De bekendste en populairste persoon in de Nederlandse folklore is bekend en beroemd onder verschillende namen. Toch drukt Sint-Nicolaas het meest respect uit voor deze hoofdpersoon uit een fantastische overlevering uit het verleden. Daarom staat Sint-Nicolaas ook in de officiële benaming van hetTilburgs Centraal Sint-Nicolaas Comité. Een organisatie die al meer dan honderd jaar zorg draagt voor de instandhouding van een eeuwenoude traditie. 

 

Een stukje geschiedenis…

In 1901 is op initiatief van Harmonie Orpheus (opgericht in 1864) voor de eerste keer een openbare intocht van Sint-Nicolaas in Tilburg georganiseerd. Aan deze intocht was een inzameling van geld en goederen verbonden. Dat gebeurde onder de slogan “ook bij de armen moet de klomp gevuld zijn”.
Met de opbrengst kon warme winterkleding aan de arme kinderen worden geschonken. De eerste rondtocht, “op den zondag vallende voor het Sint-Nicolaas-feest“, was een groot succes. Een ooggetuige van de eerste intocht doet verslag van een reuzendrukte. De paarden der collectanten trappelden reeds van ongeduld. Daar kwam de boerenkar aangebolderd, om dra de liefdegaven in een melkbus te herbergen.

De heer Kroes, muzikaal leider van Harmonie Orpheus, had de zekerheid mening kinderhartje en menig ouderhart eenige oogenblikken van zielsverfrisschende zonneschijn te brengen. De buit was groot. De totale opbrengst was maar liefst meer dan honderd gulden (een kleine € 50!). Naast geldelijke giften werden ook schoeisel, kleding, lappen stof en dekens opgehaald. Het succes was derhalve zo groot dat besloten werd er een terugkerend evenement van te maken. Een traditie was geboren. Tot op de dag van vandaag is “het goede doel” in ere gehouden. 

 

Anoniem geven

Nu nog elk jaar zorgt het Comité ervoor dat contactarme ouderen en instellingen voor kinderen in bijzondere omstandigheden niet worden vergeten. Al meer dan honderd jaar dus brengt het Comité de oorsprong van de Sint-Nicolaasviering in praktijk: anoniem geven zonder daar iets voor terug te hoeven hebben.

In die meer dan honderd jaar heeft het Comité nog iets overeind gehouden, gekoesterd als een groot goed, en dat is de traditie van de intocht van Sint-Nicolaas. Het begin van het optreden van Sint-Nicolaas in de stad was heel eenvoudig. Naast de Sint werd begonnen met een twaalftal Zwarte Pieten van wie een paar te paard gingen (als collectanten met collectezakjes aan een stok).

Spaanse edelen

Harmonie Orpheus zorgde voor de muzikale omlijsting. Verder bestond de stoet uit door Van Gend en Loos ter beschikking gestelde (paarden-)vrachtwagens waarop de door de fabrieken geschonken lappen stof werden geladen en een boerenkar waarop een melkbus stond waarin de collectezakjes werden geleegd. In 1915 werden Spaanse edelen en hun jonkvrouwen geïntroduceerd. Op het hoogtepunt van de Spaanse aanwezigheid zagen de Tilburgse toeschouwers figuren als “de burgemeester van Madrid” en “de minister van Buitenlandse Zaken” aan zich voorbij trekken. Na verloop van tijd – wanneer precies is niet bekend – begon de intocht met boot (een gewone kanaalboot van een allereenvoudigste soort) bij de loswal van het abattoir aan de Enschotsestraat.

 
 

Toen en nu

Na de Tweede Wereldoorlog arriveerde Sint-Nicolaas in de Piushaven. Vanaf het begin van de jaren vijftig nam het aantal Zwarte Pieten in Tilburg sterk toe. In 1990 maakte Tilburg voor het eerst kennis met een twaalftal vrouwelijke Zwarte Pieten. Tegenwoordig is de Pietenschare uitgegroeid tot een gemêleerd gezelschap (150 in getal). De viering van Sint-Nicolaas is een belangrijk folkloristische gebeurtenis in Tilburg, voorbereid en uitgevoerd door het Comité. Een feest dat vrijwel iedereen aanspreekt. Een feest ook dat in de loop der jaren vrijwel niet is veranderd. De Sint is oud en lief gebleven, heeft een mooie baard en bezorgt op een onverklaarbare manier cadeautjes.

Kinderen zijn nog net zo onder de indruk van de Sint en zijn Pieten als de kinderen van generaties daarvoor.

Hopelijk zullen er nog veel gelovige kinderen volgen.